Noorderwoord Report

Door: Circe de Bruin

Op 13 maart a.s. vindt in het Zonnehuis de tweede editie van Noorderwoord plaats. De eerste editie, afgelopen november, was strak uitverkocht en een groot succes. Onze stagiaire Circe de Bruin schreef voor de laatste kwartaalkrant een verslag van die eerste editie. Voor eenieder die nieuwsgierig is naar wat dat nu eigenlijk is, dat Noorderwoord, is haar verslag nu ook online te lezen.

Op een donderdag in november sjouwen we in de middag banken, kamerplanten en gebreide lampenkappen van de Theaterstraat over het Zonneplein in Noord. Langzaam verandert de lege ruimte van het Zonnehuis in een gezellige huiskamer, aangevuld met rijen kleurige stoeltjes voor het publiek. De rapper probeert ondertussen samen met het Specie Trio de bühne uit, en zo zit de sfeer er ver voor aanvang al goed in.

Om half acht druppelen de eerste gasten binnen, nieuwsgierig geworden door de gebeurtenissen op het plein, of misschien wel door een flyer in de bus, een weekend eerder. De Noorderling is in ieder geval niet ondervertegenwoordigd, iets waar wel voor gevreesd was aangezien er sceptische geluiden hadden geklonken over de combinatie van literatuur en Noord. ‘Lang heb ik gedacht dat literaire activiteiten en Amsterdam Noord niet samen gingen,’ schrijft Leo Willemse op het blog van de OBA.

Om 20.00 uur stipt blijkt definitief het tegengestelde waar. De zaal zit propvol – verwachtingsvol geroezemoes, de geur van koffie, bijgeschoven krukjes voor de laatkomers – en de avond gaat van start. Christine Otten begint met wat de rode draad van de avond zal blijken te zijn: het arme arbeidersverleden van Tuindorp Oostzaan. Ze leest voor uit autobiografisch werk van Sal Santen. De zaal luistert doodstil, gevangen door de blik van een achtjarig jongetje dat vertelt over de verhuizing van de overbevolkte Pijp naar Tuindorp. Na dit ingetogen begin komt de schwung in de avond wanneer rapper en buurtbewoner Lamyn twee teksten brengt onder begeleiding van het Specie Trio.

En zo volgt ook de rest van de avond, variërend van verstilde voorleessessies tot hilarisch cabaret. Suzanna Jansen vertelt openhartig over haar boek Het pauperparadijs. Niet alleen de inhoud ervan wordt besproken in het gesprek dat Christine met haar aangaat, maar ook haar ervaringen tijdens het voorafgaande onderzoek en het schrijven van het boek komen aan bod. Armoede in de familie bepaalt de levenshouding van vele generaties die volgen, vertelt Jansen ons. Dat zet aan het denken.

Minder zware gedachten worden opgeroepen tijdens het cabaret van Nathalie Baartman. Gewapend met een plat Twents accent weet ze iedereen, niet alleen de lachers, op haar hand te krijgen. Ze praat met ons over hypotheken, het stadse leven en het kiezen van namen. Haar liedjes ontroeren, en ze weet zowel de stilte als het rumoer in de zaal te benutten. Groot applaus wanneer ze na tien minuten plaats maakt voor Christine Otten, die deze avond niet alleen gastvrouw is, maar ook zelf vertelt, over haar laatste roman Om adem te kunnen halen en over het arbeidersverleden van haar ouders. Het is een persoonlijk verhaal, met name over de relatie met haar vader.

Zo is de avond al ver gevorderd als Marja Kok de monoloog speelt die Malou de Roy van Zuydewijn schreef aan de hand van een authentiek Noords verhaal. We horen over de liefde tussen Piet en Gonda in Tuindorp, bij velen in de zaal al bekend. Er wordt dan ook af en toe nadrukkelijk geknikt, en aan het einde klinkt een collectieve ontroerde zucht. Kok speelt overtuigend en achteraf hoor ik buurtbewoners mompelen: ‘Zo was het echt. Piet was een bijzondere man.’

Huisdichter Lamyn dicht tot slot de avond aan elkaar met hartverwarmende woorden. ‘Je weet hoe ‘t gaat, soort zoekt soort. Ik heb de mijne gevonden bij Noorderwoord.’ Het Specie Trio zet in, en de naborrel begint. De goede sfeer blijft nog lang hangen in het Zonnehuis. Dat belooft wat voor de volgende edities!