Liekes Leeslijst #6: Epictetus

Aan een pótje, meer niet

vierkant_tekst

Zakboekje – Epictetus, Boom kleine klassieken, 2011

Sinds ik in de tweede klas van de middelbare school een werkstukje maakte over de Romeinse keizer/filosoof Marcus Aurelius, heb ik een voorliefde voor de Stoa. Simpele, heldere, praktische filosofie, die iedereen kan begrijpen. Marcus Aurelius’ Meditaties lees ik ieder jaar wel een keer. En toen ik onlangs voor een habbekrats Epictetus’ (ook een Stoïcijn) Zakboekje op de kop kon tikken, kocht ik het en begon meteen te lezen.

Het Zakboekje (oorspronkelijk Encheiridion - ik herhaal hier trouwens gewoon wat dingen uit het nawoord), is een klein boekje met 53 adviezen over hoe je het beste kunt leven. Het werd in eerste instantie vooral door soldaten gebruikt, die het vanwege de omvang meenamen op hun reizen. Maar al snel won het ook in andere lagen van de bevolking aan populariteit en ik stel me zo voor dat het op een gegeven moment in ieder Romeins huishouden te vinden was. Veel latere filosofen, Spinoza en Kant bijvoorbeeld, zeggen door Epictetus geïnspireerd te zijn.

Het doel van de Stoïcijnen, hetgeen waar al hun filosofie op was gericht, was om een staat van apatheia, oftewel onverschilligheid, te bereiken. Je kunt niet (of nauwelijks) beïnvloeden wat er in de wereld gebeurt, maar je kunt wel beïnvloeden hoe jij er op reageert. In sommige gevallen nam dit extreme vormen aan. Epictetus schrijft bijvoorbeeld (om precies te zijn, een van Epictetus’ leerlingen schrijft bijvoorbeeld – zelf schreef hij niet):

Stel, je bent aan een potje gehecht. Zeg dan, ‘Aan een pótje, meer niet, ben ik gehecht. Mocht dat ooit breken, dan raak je niet van streek. En stel dat je je kind of vrouw kust, dan is het: ‘Een sterveling, meer niet, geef ik een kus.’ Komt die ooit te overlijden, dan raak je namelijk niet van streek.

Je zou maar verkering met Epictetus hebben.

Een ander advies luidt, en vat de leer van de Stoa goed samen:

Verlang niet dat alles wat er gebeurt, precies zo gebeurt als jij het wenst, maar wens slechts dat alles gebeurt zoals het nu eenmaal moet gebeuren, en je zult slagen in het leven.

Om eerlijk te zijn, hoe meer adviezen ik lees, hoe meer ik het idee heb dat ik een Happinez in handen houd. En dan weet ik opeens waar het Zakboekje me aan doet denken: de cursus mindfulness die ik ooit volgde. Met die cursus was niets mis, maar ik had hem nog niet eerder met filosofie geassocieerd. En hoe langer ik er over nadenk, hoe vreemder ik het vind: filosofen uit de oudheid staan bekend als uiterst rationeel, de grondleggers van de logica en eigenlijk de hele westerse filosofie. Wie zegt van Epicurus of Seneca te houden, is ongetwijfeld een rationeel denker. Maar wie zegt van boeddhisme en mindfulness te houden, zetten we weg als zweverig. Ik tenminste wel. Filosofie uit de oudheid: cool. Oosterse filosofie: voer voor mensen met een midlifecrisis. Diogenes: briljante man die in een regenton woonde. Boeddha: esoterisch type met alleen een onderbroek aan. En dat terwijl beiden toch hetzelfde doel hebben: een rustig, onverstoord leven leiden, waarbij je de dingen die je normaal gesproken zorgen baren in een ander licht uitlegt en zo de angel eruit haalt. En dat terwijl beiden zowel briljante inzichten als gezapige platitudes hebben voortgebracht. Er is eigenlijk geen reden om de Stoa als rationeler, of minder zweverig, te zien dan het boeddhisme.

Maar hoe wenselijk is het eigenlijk een onverstoorbare levenshouding te hebben? Kun je zonder zo nu en dan door zorgen verstoord te worden wel functioneren? Toevallig luisterde ik van de week een aflevering van de podcast Invisibilia, de aflevering Fearless, waarin een vrouw werd geïnterviewd die vanwege een zeldzame hersenaandoening geen angst kan voelen. Het maakt niet uit wat er gebeurt: iemand zet een mes tegen haar keel, haar vliegtuig dreigt neer te storten — ze voelt er niets bij. De ultieme stoïcijn, zou je kunnen zeggen. Toch was ze al meerdere keren bijna aan haar aandoening onderdoor gegaan. Ze wist gevaarlijke situaties simpelweg niet op waarde te schatten. En zelf weet ik vrijwel zeker dat als ik het advies ‘wens slechts dat alles gebeurt zoals het nu eenmaal moet gebeuren’  ter harte zou nemen, ik nooit meer iets gedaan zou krijgen en in bed zou gaan liggen om alle gebeurende dingen hun gang te laten gaan. Ik heb zo een haat-liefde verhouding met mijn zorgen. Haat, want het zijn zorgen. Maar ook liefde, want zorgen zorgen ervoor dat ik de dingen doe waarvan ik houd, omdat ik niet iemand wil zijn die de dingen waarvan ze houdt niet doet.

Goed, Epictetus is dus misschien niet voor mij. Zijn stoïcijnse opvattingen zijn me te extreem (mocht mijn geliefde ooit komen te overlijden, dan ga ik wekenlang huilen, en dat is dan precies hoe ik het wil). Maar dit stukje Marcus Aurelius zal ik altijd blijven herhalen en kan ik iedereen die wel eens een onzekere dag heeft aanraden:

20. Anything in any way beautiful derives its beauty from itself, and asks nothing beyond itself. Praise is no part of it, for nothing is made worse or better by praise. This applies even to the more mundane forms of beauty: natural objects, for example, or works of art. What need has true beauty of anything further? Surely none; any more than law, or truth, or kindness, or modesty. Is any of these embellished by praise, or spoiled by censure? Does the emerald lose its beauty for lack of admiration? Does gold, ivory, or purple? A lyre or a dagger, a rosebud or a sapling?

//////////

Lieke Marsman is dichter en schrijver. In 2010 verscheen haar debuut Wat ik mezelf graag voorhoud, dat een jaar later onder meer de C. Buddingh’-prijs won. Haar tweede bundel De eerste letter verscheen in januari 2014. Haar debuutroman Het tegenovergestelde van een mens, over klimaatverandering en eenzaamheid, is onlangs verschenen.

Illustratie door de ongeëvenaarde: Ellis van der Does