Ode aan Hella S. Haasse

Datum
08/11/2006
8:00 pm

Location
De Balie

Als Hella S. Haasse vijftien jaar is, schrijft zij het schoolopstel ‘De tovervogel’ met Danoeh als kleine hoofdpersoon. Jaren later keert Danoeh als Oeroeg terug in het wereldberoemde prozadebuut Oeroeg, dat in 1948 als Boekenweekgeschenk verscheen en inmiddels in elf talen is vertaald. Het is het aangrijpende verhaal van de vriendschap tussen een Indonesische jongen en het zoontje van een Nederlandse administrateur in het Nederlands-Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. Ook haar laatste roman, Sleuteloog (2002), speelt zich af tegen het decor van Nederlands-Indië. Het noemen van deze titels doet echter geen enkel recht aan het omvangrijke en rijke oeuvre (romans, essays, novellen, brieven, toneel, vertalingen) dat in de loop der jaren tot stand is gekomen: van De tuinen van Bomarzo (1968) tot Een gevaarlijke verhouding of Daal-en-Bergse brieven (1976), van Heren van de thee (1992) tot Zwanen schieten (1997). Om een schrijverschap van meer dan zestig jaar te eren zullen Haasses boeken in een nieuwe vormgeving worden uitgebracht, te beginnen met Oeroeg, De scharlaken stad (1952) en De meester van de neerdaling (1973). Bovendien verschijnt
de essaybundel Een nieuwer firmament. Hella S. Haasse in tekst en context, onder redactie van Arnold Heumakers, Anthony Mertens en Peter van Zonneveld.
Op deze avond verbindt Arnold Heumakers een deel van Haasses werk met ‘het kwaad’, bespreekt Elsbeth Etty hoe Haasse in haar vroege essays collega-schrijvers als Vestdijk en W.F. Hermans onder de loep neemt en gaat Aleid Truijens in op Zwanen schieten en Sleuteloog. De ode aan Hella S. Haasse wordt gecompleteerd door een gesprek dat Margot Dijkgraaf voert met de gevierde schrijfster. De presentatie is in handen van Patricia de Groot (redacteur Querido).